Het vrouwentennis is rijker dan ooit, de WTA bijna blut: hoe kan dat?
In dit artikel:
De Women’s Tennis Association (WTA) verkeert ondanks de enorme populariteit en commerciële successen van haar speelsters in zwaar weer. Tijdens vergaderingen in New York presenteerde de organisatie prognoses voor een operationeel verlies van bijna 23 miljoen dollar in 2026. Naar verwachting resteert eind dit jaar nog 15 miljoen dollar aan reserves; bij ongewijzigd beleid kan dat geld in het najaar van 2027 op zijn.
Een belangrijke oorzaak is het besluit van de WTA om vanaf 2027 op alle gezamenlijke 500- en 1000-toernooien gelijk prijzengeld voor mannen en vrouwen te garanderen. Veel organisatoren betalen vrouwen momenteel slechts ongeveer veertig procent van het bedrag voor mannen. De WTA vult het verschil zelf aan, wat volgens The Telegraph al circa 25 miljoen pond heeft gekost.
Daarnaast viel een lucratieve samenwerking met het Saudische staatsinvesteringsfonds PIF voortijdig weg. Riyad zou drie jaar lang de WTA Finals organiseren en onder meer de prijzenpot van 15,2 miljoen dollar financieren. Het einde van die overeenkomst dwong de WTA naar Indian Wells te verhuizen, terwijl de prijzenpot daar naar verluidt met een derde daalt.
In 2027 stopt bovendien de laatste betaling van private-equitybedrijf CVC, dat in 2023 een belang van twintig procent in de commerciële tak kocht. Een faillissement dreigt niet direct: de WTA bezat eind 2024 nog 119 miljoen dollar aan activa. Wel zijn structurele hervormingen nodig. Voorzitter Valerie Camillo mikt op groei in de Verenigde Staten, met de Finals van 2027 tot en met 2029 in Charlotte, waar ook het hoofdkantoor naartoe verhuist. Fors bezuinigen ligt daarbij voor de hand.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp gaat In de Wandelgangen verder in op uitspraken Angela de Jong: 'Dat vind ik jammer...'